Object in de kijker: Piekenoas - inventarismummer 4481

piekenoas geschoniken door Luc Ligneel - inventarisnummer 4481
‘Een visser zonder piekenoas is gelik een hoere zonder trutte’. De vissers konden niet zonder een piekenoas, ze hadden er altijd één bij. Maar wat is een piekenoas en waarom was hij zo gegeerd bij de vissers? Waar werd de piekenoas gemaakt en hoe geraakten vissers aan hun exemplaar? 

De piekenoas

De piekenoas is een zakmes met een vlijmscherp en effen lemmet uit hard carbonstaal. Het kan makkelijk worden geslepen en blijft lang scherp. Op het lemmet staat de kenmerkende schoppen, een van de vier symbolen in een kaartspel, vandaar de naam piekenoas. Het handvat is uit been, bakeliet of kunststof. Ribbeltjes in het handvat zorgen voor een goede greep. Er bestaan twee formaten, een groot en een klein. De kleine piekenoazen werden het meest gebruikt. Ze zijn zo groot als een handpalm en pasten gemakkelijk in een broekzak.

De vissers hadden hun piekenoas nodig voor zo goed als alle taken aan boord. Het werd gebruikt bij het gutten (het schoonmaken van de vis door hem open te snijden en te ontdoen van zijn ingewanden) en bij het eten, en het kwam zeker ook van pas bij touwwerk en het breien van netten. We kunnen er van uit gaan dat de piekenoas vele mensenlevens heeft gered doordat hij bij noodsituaties bij de hand was.

Tegenwoordig wordt een piekenoas niet meer gebruikt door de vissers. Ze zijn te duur geworden. Bovendien zijn de netten tegenwoordig gemaakt uit dikker en steviger materiaal, daarvoor is zwaarder materiaal vandoen, een piekenoas zou bij het doorsnijden van deze netten al na enkele keren bot zijn.

Waar haalden de vissers hun piekenoas?

De piekenoas werd gemaakt in het Duitse Solingen door de firma Friedrich Herder Abraham Sohn. Dit bedrijf bestond al in de 17de eeuw en was gekend voor zijn messen en scharen. De piekenoas-messen werden vooral gekocht in Nederland en België.

In de jaren zestig bestond de gewoonte dat gans de koppage of bemanning van een schip met Nieuwjaar een piekenoas cadeau kreeg van bijvoorbeeld een leverancier. Later werd de piekenoas duurder en verdween deze traditie. Piekenoazen waren te koop bij Tavernier en Pintelon op de Hendrik Baelskaai in Oostende of in de winkels van Zeebroeck en Legein in Nieuwpoort.

Schenking

Tot voor kort ontbrak een piekenoas in de collectie van het NAVIGO-museum. Het museumteam is dan ook verheugd dat Luc Ligneel dit onlangs opmerkte en er eentje uit zijn eigen collectie aan het museum schonk! Luc Ligneel is zelf geen visser, maar zijn vader was een Pannevisser en zijn dooppeter, Roger Plaetevoet, was een Nieuwpoortse beroepsvisser. Dank je wel, Luc!

Wist je dat…

De plaat bij het boek ‘Onze visserspiekenoas heet? Nu weet je waarom!